De wetenschappelijke achtergronden

Wetenschappelijk onderzoek heeft aangetoond dat er allerlei verstoringen optreden bij overgewicht en dat er allerlei verstoringen zijn die leiden tot overgewicht. Een zeer belangrijk regulatiesysteem, dat betrokken is bij het gezond en vitaal houden van het lichaam en het gewicht, is de afwisseling tussen het opslaan van overmatig voedsel in tijden van voedseloverschot en het vrijmaken van brandstof voor de spieren en andere weefsels in tijden van voedseltekort.

De basis van het opslaan van vet en suikers is insuline. Dit hormoon blokkeert logischerwijs tevens het loslaten van vetten door de vetcellen. De belangrijkste hormonen die het vrijmaken van brandstof stimuleren zijn adrenaline, noradrenaline, groeihormoon en interleukine-6. Al deze hormonen worden een beetje extra aangemaakt bij een dieet, sterk extra aangemaakt bij vasten en sporten en zeer sterk extra aangemaakt tijdens en na het sporten gedurende het vasten. Hierdoor ontstaan er sterke prikkels die het lichaam aanzetten tot het omschakelen van suiker- naar vetverbranding; de ‘metabole switch’.

Veel mensen met overgewicht hebben hun systeem zodanig in de opslag- en suikerstand gekregen, dat een normaal dieet en regelmatig sporten zelfs niet meer voldoende zijn om te switchen naar vetverbranding. Hierdoor is het lastig voldoende af te vallen en voelt men zich minder vitaal. Het insulinegehalte blijft te hoog en hormonen die vet vrij maken worden niet hoog genoeg. In onderstaand figuur staat weergegeven wat er gebeurt bij een normaal dieet, een sapvastenkuur en een sportvastenkuur met de vetten in het bloed en de metabole switch van suiker- naar vetverbranding.

Figuur 1 -  Onderstaand wordt het aanbod van vet aan de spier (wat tevens een sterke stimulans is voor die spier om te switchen naar vetverbranding) weergegeven voor een dieet volgens Sonja Bakker of Atkins, een sapvastenkuur zonder sport en een sportvastenkuur. Tijdens en na het sporten worden er grote hoeveelheden vet-vrijmakende hormonen aangemaakt waardoor er een enorme stijging van het aanbod van vet ontstaat na het sporten. Samen met een tekort aan suikers in de spieren en in de rest van het lichaam zorgt deze vetpiek voor een metabole switch die het vermogen voor vetverbranding sterk verhogen. Deze vetpiek kan gemeten worden met behulp van urine- en bloedtesten.

In de spiercellen vindt tijdens het sportvasten dus de grootste metabole switch plaats. Deze is afhankelijk van een aantal schakelaars. Ook in andere weefsels, zoals bijvoorbeeld in de lever, de alvleesklier, de hersenen en het immuunsysteem, vindt er een metabole switch plaats. Hierdoor zijn bijkomende voordelen van de sportvastenkuur vaak een vermindering van allerlei klachten, inclusief astma, eczeem, allergieën en stemmingsproblemen.

In de volgende figuur is weergegeven hoe deze metabole switch op het niveau van de spiercel en de oergenen plaatsvindt. Dit is zeer ingewikkelde materie die je waarschijnlijk niet zult begrijpen, maar die in ieder geval illustreert hoe vele factoren en schakelaars samen zorgen voor de wonderlijke effecten van het sportvasten. Vasten zorgt bijvoorbeeld voor de activering van de stof SIRT1. Dit is een schakelaar die ervoor zorgt dat de andere schakelaars versterkt worden. Hierdoor worden er veel grotere signalen afgegeven dan bij sporten zonder een dieet of bij een dieet van Sonja Bakker of Atkins.

Figuur 2: Tijdens het sporten ontstaat er een energietekort in de spiercel. Samen met een energieschakelaar (AMPK) zorgen hormonen (adrenaline, groeihormoon, interleukine-6 en schildklierhormoon) ervoor dat er een genetische schakelaar wordt geactiveerd (PGC1). Deze schakelaar zorgt ervoor dat de verbrandingsfabriekjes (mitochondriën) in de spiercellen extra worden aangemaakt. Welke brandstof daarvoor gebruikt wordt, vetten of suikers, wordt bepaald door de schakelaars PPAR en SIRT1. Deze meten de hoeveelheden calorieën, vetten en suikers. Gelijktijdig sporten en vasten zorgt voor een totale metabole switch naar vetverbranding.

 

 

De resultaten van sportvasten zijn zeer snel en zeer goed. Van bepaalde mensen die een sportvastenkuur doen, wordt vastgelegd hoeveel gewicht zij verliezen en hoe goed er vetten na het sportvasten vrijgemaakt worden. Indien relevant, worden ook de bloeddruk, het cholesterol en de suikerstofwisseling in kaart gebracht. Deze waarden worden door een aantal sportvastencoaches vastgelegd in het wetenschappelijk evaluatiesysteem zodat de methode steeds verder doorontwikkeld en geoptimaliseerd kan worden.

Op dit moment is het gemiddelde gewichtsverlies 4.2 kg voor mannen en 2.7 kg voor vrouwen tijdens de kuur zelf en vallen mensen in de maanden daarna nog veel meer af. Het ‘record’ staat op dit moment op meer dan 11 kilogram bij een man, na 10 dagen sportvasten. Zodra je lichaam volledig is aangepast aan de “vetverbandingsstand” en opnieuw in balans is stopt het gewichtsverlies vanzelf. Slanke mensen vallen dus veel minder af en komen na de sportvastenkuur vaak weer aan tot zij op een balans zitten van een bepaald vetpercentage. Het mooiste resultaat is wellicht nog wel dat mensen een blijvende oplossing hebben voor het probleem van overgewicht. Op de lange termijn zien we namelijk dat bijna iedereen zijn of haar lagere gewicht blijft behouden door het toepassen van de opgedane kennis naar aanleiding van het sportvasten.

Kijk voor meer achtergrondinformatie in het artikel 'Metabole Schakelaars - Kruispunten tussen voeding en training' in Sportgericht nr.4 2013.

<< Oorzaken van overgewicht en verminderde vitaliteit; te veel vet is giftig